Bien : adv. et adj. inv. (mot venant du Latijns bene). Le mot « bien » a de nombreuses acceptions : Comparatif de bien (mieux). I) Bijwoord : 1 (tegenover à mal) : D'une manière satisfaisante, conforme à ce que l'on peut wachten, verwachten (convenablement). Heel bien (admirablement, parfaitement). Elle danse bien. Une femme bien faite. Il raisonne bien. Bien vu, bien joué (astucieusement, habilement). Aller bien. Cela tombe bien (À pic). Tiens-toi bien (correctement). On l'a bien conseillé (gezond, met...
Hallo,
U moet abonnee zijn om de rest van dit artikel, de links en de afbeeldingen te lezen.
Een abonnement op het volledig lezen van de site bedraagt 1 € euro per maand (maandabonnement) of 11 € / jaar (jaarabonnement), zonder enige verplichting.
Als je al een lopend abonnement hebt, log dan in via onderstaand formulier.
Anders kan je abonneer je hier.